Onderhandelingsresultaat transitieplan pensioenregeling
Na een zorgvuldig proces, dat de nodige tijd in beslag heeft genomen, zijn we met KLM over de nieuwe pensioenregeling tot een onderhandelingsresultaat gekomen.
Vanaf november 2021 hebben we met elkaar gesproken over de transitie naar een nieuwe pensioenregeling. Eerst technisch-inhoudelijk in werkgroepverband met experts op het gebied van pensioenen en de input van het pensioenfonds. Met de verworven inzichten hebben vervolgens vertegenwoordigers van de arbeidsvoorwaardelijke partijen gewerkt aan een transitieplan.
Het laatste concept-transitieplan wordt voorgelegd aan de Vereniging van Gepensioneerden KLM (VG). Gepensioneerde deelnemers hebben op grond van de nieuwe pensioenwet een hoorrecht. De VG geeft daar namens deze groep van deelnemers invulling aan. Nadat dit is afgerond zullen ook de leden van de werknemersverenigingen worden betrokken. Communicatie naar de deelnemers is nu in voorbereiding.
Hoewel het element ‘evenwichtigheid’ voortdurend is meegenomen in het overleg, zal het bestuur van het pensioenfonds dat in de finale nog eens zorgvuldig toetsen aan de hand van het laatste transitieplan. Waar het om gaat is dat in de nieuwe regeling tussen de diverse groepen deelnemers (actief in dienst, slaper, gepensioneerd, jong, oud) geen grote verschillen zullen ontstaan.
Als alle stappen zijn genomen en medio 2025 de verwachting is dat dekkingsgraad op het gewenste minimale niveau zal zijn (dat wil zeggen dat er nog steeds voldoende geld in kas van het pensioenfonds is), dan zal per 1 januari 2026 de nieuwe pensioenregeling van kracht worden.
We zijn met KLM ook tot overeenstemming gekomen over de invulling van het in november 2020 afgesloten Protocol ‘Aanvullende Afspraken inzake Pensioenregeling’. Het gaat om afspraken die de VKP en de NVLT hebben gemaakt met KLM in het kader van het afschaffen destijds van de overschotten- en tekortenregeling. We wachten nog op de tekstuele uitwerking.
Op korte termijn zullen we je meer inhoudelijk berichten over de inhoud van het transitieplan, de nadere afspraken voortvloeiende uit het hierboven genoemde protocol en de vervolgstappen.